Culinair Reizen

De buitenlandse supermarkt is het nieuwe museum

· 5 min leestijd

Je hebt het rijtje al afgevinkt: het museum, de kathedraal, de obligate rondvaart. En dan loop je ergens tussendoor een supermarkt binnen om een flesje water te halen, en sta je een halfuur later nog steeds tussen de schappen. Steeds meer reizigers geven toe dat dit hun leukste moment van de vakantie was. Grocery tourism heet het officieel, en het groeit sneller dan wie dan ook had verwacht.

Nederlanders geven fors meer uit in buitenlandse supermarkten

Uit een analyse van kaartbetalingen van Visa blijkt dat Nederlandse reizigers steeds meer geld achterlaten in supermarkten over de grens. In Duitsland steeg dat bedrag met 26 procent, in België met 22 procent, en over de populairste bestemmingen heen ligt de groei ergens tussen de 10 en 26 procent. Een deel daarvan is simpel grensshoppen, maar de cijfers wijzen ook op iets anders: reizigers koken vaker zelf om hun vakantiebudget in de hand te houden, en ze zijn nieuwsgierig naar wat er nou precies in die vreemde verpakkingen zit. Wil je zelf wat meer grip op je uitgaven op reis? met deze tips bespaar je zonder dat je vakantie erdoor inlevert.

Waarom een supermarkt meer vertelt dan een souvenirwinkel

Een museum is gecureerd, een souvenirwinkel is op toeristen gericht, maar een supermarkt liegt niet. Daar zie je wat mensen daadwerkelijk eten, wat ze betalen en welk merk koekjes al generaties in elk huishouden staat. In Zuid-Korea is een bezoek aan een gewone buurtwinkel als GS25 of CU inmiddels een vast onderdeel van de reisroute, en video's van de schappen gaan op TikTok rond als waren het kunstwerken. In Finland ging de keten K-Supermarket nog een stap verder: die liet een van haar filialen officieel als toeristische attractie registreren op Tripadvisor, compleet met recensies van bezoekers die vooral kwamen voor de zoute drop en de rendierworst.

Ook Japan speelt hierop in. De combini, de Japanse gemakswinkel op bijna elke hoek, is uitgegroeid tot een eigen genre op reisblogs, met seizoensgebonden snacks die nergens anders ter wereld te krijgen zijn. Precies dat gevoel, iets proeven dat echt bij een plek hoort, is waar culinair toerisme in de kern om draait.

Van geheime tip tot officiële reistrend

Wat een paar jaar geleden nog een insider-tip was, staat inmiddels in elk trendrapport. Uit Hilton's reizigersonderzoek voor 2026 blijkt dat 77 procent van de ondervraagden het leuk vindt om in het buitenland een supermarkt te bezoeken. Skyscanner ziet dat 35 procent van de wereldwijde reizigers van plan is om tijdens de volgende reis bewust een lokale supermarkt te bezoeken, met opvallend veel animo onder jongere reizigers. Condé Nast Traveler zette grocery tourism dit jaar op de lijst met belangrijkste reistrends. In Spanje gaat het nog verder: daar geeft 63 procent van de ondervraagde reizigers aan bewust een supermarkt te bezoeken om nieuwe smaken te ontdekken, los van wat er op het menu van het toeristenrestaurant staat.

Het heeft ook een keerzijde. Bij een gemakswinkel vlak bij de Fuji in Japan ontstond zo veel drukte van toeristen die een foto van het dak met de berg op de achtergrond wilden maken, dat de gemeente moest ingrijpen. Zelfs een boodschap doen kan dus, hoe onschuldig het ook klinkt, op sommige plekken omslaan in overtoerisme.

Wat je wel en niet moet kopen

Het verschil tussen een leuke stop en gewoon boodschappen doen zit in wat je meeneemt. Een flesje water of een tube tandpasta hoort gewoon bij reizen, dat is geen souvenir. Ga in plaats daarvan op zoek naar het huismerk: dat vertelt je meer over wat een land zelf lekker vindt dan welk A-merk ook. Belgische pralines uit de supermarkt, Finse zoute drop, Duitse Haribo-smaken die je in Nederland nooit ziet, of Japanse Kit Kat-varianten met matcha of sake, het zijn allemaal dingen die thuis een verhaal waard zijn. Ook Zweeds snoepgoed is inmiddels bijna een eigen subcultuur: de losse snoepmuren vol lakrits en schuimproducten die je nergens buiten Scandinavië tegenkomt, zijn precies het soort ontdekking waar je normaal een speciaalzaak voor nodig zou hebben.

Check ook altijd de versafdeling. In een stad als Porto vind je in de supermarkt bijvoorbeeld complete muren vol ingeblikte sardines in tientallen varianten, een traditie die er al decennia bestaat en die je in geen enkel restaurant zo compleet terugziet. Datzelfde principe werkt overal: de versafdeling en de drankschappen verraden wat een regio al generaties lang eet en drinkt, los van wat er voor toeristen wordt opgediend.

Dit is hoe je zelf een supermarkt-stop inplant

Je hoeft er geen hele middag voor vrij te maken. Plan op de eerste dag van je reis een half uurtje in bij de dichtstbijzijnde supermarkt, voordat je aan de bezienswaardigheden begint. Dan weet je meteen wat de lokale prijzen zijn, wat mensen daadwerkelijk kopen, en welke snack je de rest van de week wilt opsparen als cadeautje voor thuis. Vergelijk het gerust met de lokale markt, alleen hoef je hier niet te onderhandelen en kun je gewoon rustig rondkijken tussen de schappen. Het kost bijna niets, en het is vaak het eerlijkste kiekje dat je van een bestemming meeneemt.

J
Geschreven door Jasper Timmerman Avontuurlijk reisschrijver

Jasper is een avonturier die zijn baan als accountant opzegde om een jaar lang te fietsen van Amsterdam naar Singapore. Die reis veranderde zijn leven en sindsdien schrijft hij over onconventionele manieren om de wereld te ontdekken. Jasper is gespecialiseerd in budget reizen en bewijst keer op keer dat je geen fortuin nodig hebt voor onvergetelijke ervaringen. Hij slaapt liever in een hangmat dan in een vijfsterrenhotel en kent alle trucjes voor goedkoop vliegen. Op DeReisBlog deelt hij zijn avonturen en praktische tips voor reizigers die het anders willen doen.